Amsterdam doet zijn best om zoveel mogelijk nieuwe woningen te bouwen. IJburg is daarvan een mooi voorbeeld en zo’n twintig jaar geleden zijn er aan de oostkant van de stad enkele eilanden opgespoten waarop een hele nieuwe stad moet komen. Inmiddels zijn enkele eilanden al bebouwd. Ik was er vrijwel nooit geweest en het werd dus tijd om er eens een kijkje te nemen. Er is een fraaie brug vanaf de stad ernaartoe. Ik vraag me alleen wel af of ze goed hebben nagedacht over de ontsluiting. Er wordt flink ingezet op het openbaar vervoer door een hoogfrequente tramverbinding. Maar als je veel en ook dure woningen gaat neerzetten, kan je op je vingers natellen, dat die mensen dan ook auto’s hebben en dus ook met de auto willen komen en gaan. En dan is een enkelbaans weggetje over die brug op langere termijn onvoldoende, lijkt me zo. Wel is er aan de oostkant ook een ontsluiting maar daar heb je niks aan als je naar de stad wilt.
IJburg is wel een fraaie en gevarieerde wijk, maar mist nog een ziel, zoals je die in de stad hebt. Hoewel het de bedoeling was om in IJburg zelf een kijkje te nemen, zijn we daar eigenlijk nauwelijks geweest. Wel in het aanpalende Diemerpark, de fraaie uitlaatplek van de nieuwe wijk, die zo te zien in een grote behoefte voorziet, omdat er druk wordt gewandeld, hardgelopen of honden uitgelaten. Vanaf het park kan je IJburg goed zien liggen en ook constateren dat ze er nog lang niet zijn uitgebouwd. Er is ook een kleine fotoserie gemaakt, hoewel de donkere dagen naderen en de foto’s wat moeilijker worden. Zie:
Twente is het land van mijn jeugd. Om precies te zijn Tubbergen, waar ik zo’n tien jaar heb doorgebracht. Ik bewaar zoete herinneringen, het Rijke Roomsche Leven en het leven in een dorp, waarover Wim Sonneveld zo mooi kon zingen. Nu de familie over Nederland en ook Duitsland is uitgewaaierd en mijn ouders zijn overleden, kom ik er minder vaak. Alleen mijn oudste zus woont er nog en dat was de aanleiding voor een bezoekje. Daarmee werden vier vliegen in één klap geslagen. Eerst het opsnuiven van jeugdherinneringen, die helaas toch zijn vervaagd. Daar waar je vroeger iedereen kende, loop je nu anoniem rond. Bovendien is er veel veranderd, veranderingen die je minder zou hebben opgemerkt als je er was blijven wonen. Verder tijdens een lange wandeling naar Ootmarsum lang kunnen bijkletsen met mijn zus. Ook de wandeling zelf over een geaccidenteerd terrein, die ik dan maar beschouw als een nuttige training voor het komende avontuur op de Kilimanjaro. En natuurlijk foto’s gemaakt van het prachtige landschap dat ik des te meer waardeer nu ik er al een tijd niet meer woon. Die foto’s staan op:
Deze week was er een nieuws-item over de Rotterdamse haven met prachtige en vooral fotogenieke beelden. De Maasvlakte lag al een tijdje te broeden in ons hoofd om er eens een keer heen te gaan. Maar de beelden van dat nieuws-item waren zó mooi dat er – mede aangespoord door het mooie weer – niet langer werd gedraald en we in de auto zijn gestapt. Helemaal naar Maasvlakte-2. We hebben er rondgereden, kwamen bij een info-centrum terecht en daar is meteen een boottocht geregeld. Daardoor kon je heel dicht bij de dingen komen die er allemaal te zien waren, met bovendien een heldere uitleg daarvan. Er ontvouwde zich daar een heel nieuwe wereld. Natuurlijk de haven zelf, waar containers vanaf enorme schepen met geautomatiseerde hefbomen worden overgeslagen om verder landinwaarts te worden vervoerd. Onvoorstelbaar hoeveel spullen er uit de rest van de wereld in Europa terecht komen, met al hun afval en ongetwijfeld ook spullen die het daglicht niet kunnen verdragen met bovendien onbegonnen werk om dat allemaal te controleren.
Daarnaast is de Maasvlakte ook nog een fabriek om van alles te produceren wat heel groot is. Zoals booreilanden en enorme windmolens. En speciaal op maat gemaakte schepen die dat alles dan weer moeten vervoeren en overal in de wereld op zijn juiste plaats neerzetten. Allemaal dingen, waar Nederland, mede door zijn ligging en opgedane know-how heel goed in is. Buitengewoon indrukwekkend allemaal en de camera was maar half in staat om deze indruk ook goed in beeld te brengen. De poging daartoe staat op:
Er moest onderhand maar eens geoefend worden voor de grote komende januari-voettocht. Nu eens een keer een wat langere afstand (hopelijk meer dan 20 kilometer), want die zal ik over twee maanden toch wel in de benen moeten hebben. En een mooie gelegenheid om ook eens andere stadsdelen te bezoeken. Naar het nieuwe (en vooral verre) westen bijvoorbeeld, waar ik in al die jaren, die ik nu in Amsterdam woon nog nooit was geweest. Mooi november-herfstweer en uiteindelijk gelopen via het Westerpark en Sloterdijk helemaal naar het einde van Geuzenveld, bijna in Halfweg (inderdaad halverwege Haarlem). Uiteindelijk na bijna 24 kilometer liefdevol met vermoeide beentjes ontvangen door vrienden in Nieuw-Sloten met een kop warme chocolademelk. De camera is ook mee geweest en er is een uitgebreide serie gemaakt. Zie:
Nog een laatste impressie van deze mooie herfst. Voordat de wereld grijs en donker wordt waren dit misschien wel de laatste dagen in typische herfstkleuren. Eigenlijk was het doel van de dag Lelystad met zijn outlet winkelcentrum. Maar op de terugweg bedachten we dat het eigenlijk ook wel aardig zou zijn om eens via de dijk, die het Markermeer begrenst, naar Enkhuizen te rijden. Het was al laat op de dag, maar net nog licht genoeg om de bomen in herfsttooi te zien en tegelijk ook de kade van de haven vol met bladeren te zien liggen. Maar eigenlijk al te donker om het stadje goed te bekijken. Maar wel de moeite waard om later nog eens terug te komen. Toch nog een kleine fotoserie gemaakt. Zie:
Roombeek in Enschede op die zaterdag de 13e mei 2000: daar ontplofte een vuurwerkfabriek, annex -opslagplaats en verwoestte in een oogwenk een hele woonwijk. Ik heb vage herinneringen aan die wijk omdat ik wel eens heb meegedaan aan een halve marathon., die er gedeeltelijk doorheen liep Het jaarlijkse uitstapje 16 jaar later met mijn broers leidde door het grotendeels herbouwde Roombeek. Er wordt tegenwoordig een stuk mooier gebouwd dan de eenheidsworsten die we dertig jaar geleden kregen toegediend. Tenminste als je de bewoners ook een beetje de vrije hand geeft. Dat was een van de formules waar het nieuwe Roombeek zijn succes aan heeft ontleend. Men woont er nu zo te zien met plezier en de wijk is zelfs een bezienswaardigheid geworden voor geïnteresseerden in woon-architectuur. De foto-impressie van het nieuwe Roombeek staat op:
Het zou een mooie dag worden, misschien wel voor de laatste keer in dit jaar. Dus zijn de fietsen nog maar eens tevoorschijn gehaald voor een tochtje langs de Amstel, de Ronde Hoep en de Waver naar Abcoude. Het leuke van Amsterdam is natuurlijk niet alleen de stad zelf, maar ook het feit dat je er met de fiets in no time uit bent en – naar Amsterdamse maatstaven – al snel in een landelijke omgeving. Maar eerst langs het gebied van de Rembrandttoren, waar nu het hoofdkantoor van Philips staat. Dat kantoor leek zo onafscheidelijk van Eindhoven, maar voortschrijdend inzicht leidde toch tot de verhuizing. Ten zuiden daarvan, zo’n beetje tot het metrostation Spaklerweg, gaat een hele nieuwe woonwijk komen. Het meeste is er al gesloopt, behalve enkele hardnekkige gebouwtjes, waarvan ik me afvraag hoe lang die het daar gaan volhouden. Verderop langs de Amstel kijk je ineens heel anders naar de stad. Ondanks de belofte van het KNMI werd het toch weer een grijze dag met af en toe motregen. Niet ideaal voor foto’s, maar het is roeien met de riemen die je hebt. Het resultaat staat op:
Amsterdam van boven. Er zijn niet veel plaatsen waar je dat kunt bekijken. En al helemaal niet op de Dam. Behalve als je in het reuzenrad op de kermis gaat zitten. En het ook nog goed weer is. En dat was het maandag. Buitenkansje dus, dat ik niet wilde laten lopen. Met een telezoom-lens lijkt de stad voor het grijpen en krijg je een goed idee hoe de verschillende locaties zicht tot elkaar verhouden. We zagen het NEMO, zoals dat nog niet is gezien. Evenals de hoogbouw rond de Rembrandttoren. Bijzonder was ook het glimpje dat we konden opvangen van de binnenplaats van het altijd zo gesloten bolwerk van het Paleis op de Dam. En tenslotte het bijzondere perspectief op de Westerkerk. En dat moest allemaal in die paar minuten die je krijgt in een paar rondjes in het reuzenrad. En als je toch op de kermis bent kan je meteen de gezichtsuitdrukkingen vastleggen van de mensen in die rondtollende stoeltjes. De kermisimpressie staat op:
De Trabant. Het karretje is een cult in Berlijn. Terwijl voor diesels de strengste normen worden gehanteerd mag de Trabant hier nog allerlei viezigheid de lucht in pruttelen. Je kan hem zelfs huren. Favoriet thema ook op de East Side Gallery, waar kunstenaars hun fantasieën over de Wende op een oud stuk muur mochten uitleven. Alleen jammer van dat hek ervoor, want andere zogenaamde kunstenaars hadden de hele boel later weer met graffiti ondergekliederd. In Oost-Berlijn was de geheime dienst (de Stasi) overal. Ze wisten alles van je, maar je wist nooit wie ervoor werkte. Je buren en zelfs je eigen familieleden konden dat doen, zodat je niemand vertrouwde.
Zondag konden we een kijkje nemen in het hoofdkwartier van de Stasi, nu een soort van museum. Een enorm gebouw met lange gangen nog in dezelfde staat als het in de 80’er jaren was. Houten meubilair en stalen kasten. Echt een ‘sick building‘ en vreselijk om in te werken, leek me zo. Met de typische grauwe DDR-architectuur. Daar was men de hele dag bezig om informatie over mensen op te slaan en afgetapte telefoongesprekken uit te typen. Ook de omgeving van het gebouw in deze Oost-Berlijnse wijk met zijn grote woonkazernes deed op deze grijze dag echt zijn best om de sfeer van de DDR vast te houden. Foto’s op:
Een paar dagen Berlijn, omdat Marcel er een zwemtoernooi had. Maar als je er een paar dagen extra voor uittrekt, is er ook wel wat tijd voor sightseeing. Berlijn is qua oppervlakte een enorme stad, en het is onmogelijk om alles lopend te doen, iets wat in veel Europese hoofdsteden eigenlijk wél kan. De stad heeft weliswaar een goed OV-netwerk, maar een stad ‘lopend doen’ is toch het allerleukste. Dus moet je een keus maken en we concentreerden ons op de eerste twee dagen op het gebied tussen de Gedächtniskirche en de Brandenburger Tor. Het hele gebied heeft sinds de Wende een metamorfose ondergaan. Die kerk is alleen een vast ankerpunt gebleven, evenals nog wat restantjes muur als herinnering aan de scheiding met de DDR. De Bundestag en het gloednieuwe Hauptbahnhof zijn de nieuwe ankerpunten. Verder staan er overal nog bouwkranen, zodat we over een paar jaar nog maar een terug moeten. Een foto-impressie het ‘oude en nieuwe’ van twee zwerfdagen in dat deel van Berlijn staat op: