De standplaats van ons Grieks reisje is Ormos Marathokampos, kortweg ’Ormos’. ‘Ormos’ is het Griekse woord voor ‘baai’, dus we zitten in de baai van het wat hoger gelegen Marathokampos. Van oudsher is Ormos een vissersdorp en daar draagt het nog steeds alle sporen van. In de ochtend worden de netten schoongemaakt en ontdaan van resten vis, die op de kade worden gedeponeerd. Lekkere hapjes voor de vogels en de zwerfkatten op de kade, zodat alles een uur later is opgeruimd. In de loop van de tijd is Ormos ook de thuishaven geworden van niet de minste zeiljachten. De bewoners daarvan vertonen zich alleen weinig in het dorp. Hooguit zie je ze lopen met een tasje uit de supermarkt, maar overnachten en zelfs eten doen ze op hun boot. Ondanks dat het dorp een vijftal heel gezellige restaurantjes op het strand heeft. We maken een rondje over de kade en je ziet er jachten uit de hele wereld, zelfs uit Australië. Die is desgevraagd alleen niet zelf uit Australië komen varen met zijn toch beslist zeewaardig jacht, maar heeft het vaartuig op de kop getikt ergens in Griekenland, tooit het met de Australische vlag en vaart nu heen en weer tussen de Griekse eilanden.
We spreken ook een Oostenrijkse mevrouw met een Italiaans jacht, die ons uitnodigt voor een kop koffie. Zij is de enige bewoner van het omvangrijke jacht en vindt het een uitdaging om alles huishoudelijk en vooral technisch op orde te houden. Van het kop koffie is het helaas niet gekomen, maar er ontstond toch wel een band na herhaaldelijke ontmoetingen op de kade. En dan is er nog de zeepfabriek in het dorp, die wordt gepromoot als bezienswaardigheid met dagelijkse rondleidingen. Vorig jaar is het er niet van gekomen, maar nu doen we maar eens met een rondleiding mee. En dat was de moeite waard. De fabriek oogt als industrieel erfgoed want er zijn in de afgelopen tientallen jaren nauwelijks veranderingen geweest. Het productieproces is dan ook identiek aan dat van bijna honderd jaar geleden. Je begint met restanten van uitgeperste olijven, je laat het geheel een aantal malen uitdrogen, voegt er soda aan toe, stort het geheel over de vloer, laat het opnieuw droog en dan ook hard worden en snijdt er blokken van. En dan heb je zeep, die gretig wordt afgenomen door het eiland, de rest van Griekenland en zelfs door het buitenland. De avonden worden doorgebracht in een van de restaurantjes op het strand. Eigenlijk bijna elke dag in hetzelfde restaurantje, waar je heel gezellig met de bekende ongemakkelijke stoeltjes op het strand zit, maar waar je adembenemend lekkere tonijn en zwaardvis kon eten, aangestaard door de zwerfkatten, die diezelfde ochtend op de kade ook al de nodige vis hadden gegeten. Het leven in Ormos is in beeld samengevat op: