Provence

3 augustus 2019

En als je dan toch rond de Ventoux hebt rondgehangen en ook nog twee dagen over hebt, kan je net zo goed iets van de Provence opsnuiven. Want je kan nog zo gefocussed zijn op die Ventoux, de Provence zelf is niet over het hoofd te zien. Het is toevallig wel een van de mooiere streken van Frankrijk. Geen wonder, want het lijkt er erg op Toscane, voor wat betreft bebouwing, vegetatie en dus ook klimaat. De Provence is dus moeilijk over het hoofd te zien, maar ik zou ze niet de kost zou willen geven die er een volle maand op vakantie gaan en de Ventóux over het hoofd zien We brengen twee namiddagen en avonden door in Vaison la Romaine. Een tamelijk toeristisch stadje, maar het is heerlijk en gezellig eten op het centrale plein op een terras vlak aan het trottoir op die zwoele Provençaalse avonden. Zaterdag de Pont du Gard bezocht: een Romeins aquaduct, inmiddels 2000 jaar geleden gebouwd, maar wonderlijk goed geconserveerd. Ik was er in 1984 voor het laatst, maar toen was er geen enorme parkeerplaats, bezoekerscentrum en al helemaal geen entréegeld. Ook liep je er toen zo op, op meerdere verdiepingen zelfs. Nu alleen over de afgerasterde weg op de laagste verdieping. Allemaal dus om het massatoerisme een beetje in goede banen te leiden. In de rivier wordt gezwommen en gevaren en het lijkt me bijzonder om als bewoner van de streek, elke dag je vaste rondjes onder het aquaduct door te zwemmen. In Avignon was ik ook voor het laatst in 1984. Prachtige pauselijke stad, maar het was er deze keer zo heet dat we maar het toeristen-treintje door de stad hebben genomen dat ons een uurtje langs de belangrijkste bezienswaardigheden heeft geleid. De dagen zijn afgesloten met een etentje op een terrasje in Bedoin, met de familieleden die nog niet waren vertrokken. Gezamenlijk geconcludeerd dat het Ventoux-uitstapje toch wel weer een memorabele familiegebeurtenis was. En het opsnuiven van de Provence heeft toch wel het idee gebracht dat het de moeite is om hier nog maar eens een weekje te blijven. En dan de Ventoux heel misschien toch maar over het hoofd te zien. De Provençaalse foto’s van deze keer staan op:

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157710181874546

Mont Ventoux

2 augustus 2019

Afgelopen woensdag, 31 juli, was mijn zeventigste verjaardag. Ik vond de gelegenheid belangrijk genoeg om de hele familie uit te nodigen om naar Zuid-Frankrijk af te reizen om daar gezamenlijk de Mont Ventoux te beklimmen. In principe per fiets, maar met de auto mocht natuurlijk ook. Ik was dan ook zeer vereerd dat vrijwel iedereen de moeite heeft genomen om de uitnodiging te aanvaarden. De basis was Bedoin, een klein dorp aan de voet van de berg. Het dorp is een soort bedevaartsoord voor fietsers, waarvan ik het idee had dat minstens de helft ook nog uit Nederland kwam. De Mont Ventoux is een hoge puist in een eigenlijk niet zo heel bergachtig landschap. Je kunt de berg al vanaf tientallen kilometers zien liggen. Op donderdag is ‘de kale berg’ nog per auto als een toeristisch uitstapje verkend, maar de gezamenlijke beklimming was op vrijdag. Liefst dus vóór het weekend, want ik had het idee dat het dan niet zo druk zou zijn. Verkeerd gedacht, want op een gemiddelde dag zijn er sowieso al honderden fietsers, meestal ook nog geëscorteerd door auto’s. Daarbij kwam ook nog dat het deze week zo’n beetje het allerhoogste hoogseizoen is. We gingen wel vroeg weg, om de hitte van de dag voor te zijn en dat scheelde ook wel wat met de drukte. We waren met twaalf fietsers, maar omdat iedereen zijn eigen tempo erop na hield, fietsten de meesten al snel in hun eentje. Eerst nog wat vals plat, maar daarna scherp naar links en steil omhoog tien kilometer door een bos, met alleen maar vliegen, die blijkbaar het zweet op je hoofd wel lekker vinden. De laatste zeven kilometer boven de boomgrens in een soort maanlandschap. Vlak voor de top aan de rechterkant het monument van de Engelsman Tom Simpson, die in de Tour van 1967, als gevolg van doping van zijn fiets viel en er het leven heeft gelaten. Het monument heeft er mede toe bijgedragen, dat de berg zo tot de verbeelding spreekt, want ‘de berg’ en deze renner worden vaak in één adem genoemd. Foto’s zijn er ook gemaakt. Die van donderdag nog wel door mezelf, maar op vrijdag vooral door Marcel. Het resultaat ervan staat op:

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157710105666372

Lyon – Dijon

26 juni 2019

Het plan hebben we omgegooid. Einddoel was de Provence, maar we rijden nu niet meer verder naar het zuiden. We zagen een temperatuur van 42 graden in Avignon voor a.s. woensdag, dus net als we daar zouden aankomen. Veel te heet dus en in strijd met alle adviezen die we overal lezen en horen. Veel drinken, weinig inspannen en de koelte opzoeken. Dat drinken zou nog wel kunnen, hoewel mij zelfs dát moeite kost. In plaats van naar het zuiden fietsen we nu naar het noorden, terug naar Dijon. Daar is het volgens de voorspellingen woensdag ook nog wel 39 graden, maar de meeste kilometers proberen we in de vroege ochtend te rijden. Maar eerst nog zien weg te komen uit de drukte van de agglomeratie van Lyon. Al om 9 uur zien we de KLM landen op de luchthaven van Lyon, dus op de terugweg toch al een beetje een thuisgevoel. Daarna werd het weer landelijk. Het nadeel daarvan is dat andermaal alles dicht is, zelfs de winkels. Nergens koffie of iets te eten. Het platteland ontvolkt hier en dat gaat ten koste van het voorzieningenniveau. Na ruim 80 km aangeland in een appartement in Mâcon, alweer behoorlijk boven Lyon. Daar stond een liter heerlijke koele jus d’orange klaar en die heeft er dus niet lang gestaan..! De stad bereidt zich duidelijk voor als startplaats van de tour-etappe van zondag 13 juli a.s. Dat blijkt niet zomaar starten te zijn, maar er is een heel evenement omheen gebouwd dat het hele weekend in beslag neemt. Daags erna van Mâcon naar Chalons-sur-Saône, de finishplaats van de tour van de dag ervoor. Al vrijwel bij het begin meteen de heftigste klim van de hele week tot dusver. En we waren er eigenlijk niet op voorbereid. Dus niet alleen een fysieke, maar vooral een mentale inspanning. Want elke keer denk je dat je met een lullig hellinkje te maken hebt en bij de volgende bocht vast wel op de top bent. Maar elke keer zie je de weg toch weer verder omhooggaan. In de afdaling bij Cluny kreeg Chrit ook nog een lekke band. Maar vanaf Cluny ging het gezwind met rugwind recht naar het noorden. Prachtig fietspad, aangelegd langs een vroegere spoorbaan en ook dus zonder verkeer bijna helemaal tot Chalons. Met de hitte viel het eigenlijk wel mee, tenminste als je blijft rijden. Maar zodra je van de fiets afstapt valt die op je. Nu in een erg basic hotel, helemaal op de bovenste verdieping zonder airconditioning. Zal een uitdaging worden, want de hitte begint nu toch wel indrukwekkend te worden. De laatste dag zou gaan vanaf Chalons-sur-Saône terug naar Dijon. Vroeg vertrokken vanwege de weersverwachting van 37 graden. Ook hier weer mooie fietspaden langs de Caneaux de Bourgogne. Alleen waren ze er aan het werk en voor we het wisten reden we ineens door een pap van gesmolten bitumen. Meteen plakten er allemaal scherpe steentjes vast aan de buitenbanden. Met geen mogelijkheid konden we die smurrie er weer vanaf krijgen. In Beaune nog wel geprobeerd om het ergste ervan af te schrapen, maar inmiddels was alles gestold, hoewel we toch ruim een half uur hebben geprutst om de scherpste steentjes weg te krijgen. Ik vrees dat de buitenbanden niet meer te herstellen zijn en doorfietsen naar Dijon vonden we te veel risico opleveren voor lekke banden. Uiteindelijk besloten de laatste 50 km naar Dijon dan maar met de trein te doen. Naarmate we langer in Beaune bleven pauzeren en sightseeën begonnen we die optie trouwens met de minuut aantrekkelijker te vinden omdat het ontzettend heet aan het worden was. Beaune is duidelijk een toeristenfuik. Hier lopen mensen rond met veel te veel geld en protserige auto’s, die hier de grand vins de Bourgogne komen degusteren. Zelfs in de volle middaghitte, en ik vraag me dan wel af hoe ze de rest van de dag moeten doorkomen. Per trein dus in Dijon aangekomen. Einde van een mooi fietsweekje. Ondanks de hitte, het daardoor omleggen van de route en de materiaalpech aan het eind. Het gaat zoals het gaat. Morgen naar huis. De foto’s van de terugweg staan op:

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157709432199151

Dijon – Lyon

23 juni 2019

Als voorbereiding op komende fietsevenementen ben ik met Chrit, van de ‘Tilburgse fietsclub’, een weekje door Frankrijk gaan fietsen. Als startpunt is Dijon gekozen. Ideaal startpunt, want dan kan je in een weekje de Provence bereiken. Meer specifiek de Mont Ventoux, die stilzwijgend op het programma staat. Eerst met de auto naar Dijon, die we daar achterlaten en dan is het de bedoeling om richting Provence te fietsen en met de trein vanaf Avignon terug naar de auto in Dijon te reizen. De eerste etappe van 90 km gaat van Dijon naar Poligny. Aan de voet van de Jura, die in de verte mooi opdoemt. Dankzij een heel handig app’je op de telefoon doen we alleen maar de hele rustige wegen met weinig verkeer. Dit deel van Frankrijk is sowieso dun bevolkt en we rijden bij prachtig weer door kleine Bourgondische dorpjes. Schitterend allemaal, maar je ziet geen mens op straat, laat staan terrasjes met eten en drinken. De volgende dagen dus maar wat proviand extra meenemen. Verder liep alles voorspoedig, met wind in de rug. Op het laatst wel wat klimmetjes, maar het viel al met al erg mee voor de eerste dag. Mooi om erin te komen. Maar er wacht meer klimwerk. Evenals grote hitte, zo vernamen we de eerste ochtend al. Dat klimwerk kwam er ook. Veel van die gluiperige hellingen, die er niet als hellingen uitzien, maar het wel zijn. We hadden wel het gevoel in een ritme te komen, maar misschien kwam het ook wel door de rugwind die er voor het grootste deel ook nog wel was. De meeste dorpjes zijn ook hier uitgestorven. Toeristen zijn er evenmin, maar gelukkig konden we onderweg nog ergens een sandwich krijgen. De tweede dag zijn we geland in Senaud, een gehucht bij Bourg-en-Bresse. Restaurants zijn er niet, tenzij je nog 10 km heen en ook nog terug wilt fietsen. Dat doen we dus niet. Maar de duitse gastvrouw van de chambres hotes was zo aardig even te bellen met een bejaard echtpaar, die twee kilometer verderop achteraf wonen en er het koken een beetje bij doen. We waren welkom! En zo zaten we zaterdagavond op een soort boerenerf, als enige gasten bij een oorverdovende stilte ouderwets frans-culinair te eten. De derde dag was er weliswaar wat minder klimwerk, maar nu was er ineens een stevige wind uit het zuiden, dus recht op kop. Ook een heel stuk warmer dan de afgelopen dagen. En een aanmerkelijk dichter bevolkte streek. Dat scheelt wel meteen met de voorzieningen. Er is koffie en cola in de ochtend en ook is er voor de eerste keer echt goed geluncht. En ook veel water erbij gedronken, want dat is nu erg nodig. Maar wel met twee uur lang aan tafel, want de Fransen nemen er op zondag de tijd voor. Maar die hoeven dan ook niet te fietsen. Die dag twee rivieren overgestoken, de Ain en de Rhone en we komen zo langzamerhand in het stedelijk gebied rond Lyon. Uiteindelijk beland in Cremieu, iets ten oosten van Lyon. Ondanks de tegenwind en hitte toch 90 km stevig doorgefietst, dus we hebben tevreden geconcludeerd dat we toch nog wel een beetje kunnen fietsen. Maar vanavond gaan we een heel erg verstandig besluit nemen. Nadat we eerst de hoognodige dorst met een bière pression cinquante hebben gelest. Het gaat hier in de komende dagen ruim 40 graden worden, dus de vraag is of we in een brandende zon bij zulke temperaturen nog wel veel willen gaan klimmen. Of toch maar een wat andere vlakkere route gaan nemen. Wordt dus vervolgd… Een fotografische indruk van de eerste drie dagen staat op:

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157709363031846