Centraal Station

13 mei 2021

De omgeving van het Centraal Station is één grote bouwput. Eigenlijk al sinds ik in Amsterdam woon. Maar het Oosterdokseiland nadert nu eindelijk zijn voltooiing. Behalve dan het hoofdkantoor van Booking.com, waarvan het laatste stukje gevel heel moeilijk schijnt te zijn. En vóór het station komt nog een enorme ondergrondse fietsenstalling, die een einde moet maken aan de fietsenchaos in de stad. Want zo langzamerhand is het moeilijker om je fiets te parkeren dan je auto. Maar net als je dan begint te denken dat het dan allemaal echt klaar is, staan er in het water naast het station ineens weer tientallen heipalen, kennelijk om er weer iets groots op te zetten dat daar nog gaat komen.

Zelfs het station is nog niet echt af, vind ik. Om te beginnen die voorgevel. Zo moeilijk moet het toch niet zijn om dat lelijke grijze paneel met de stationsnaam te vervangen door iets moois, in de stijl van architect Cuypers bijvoorbeeld. Want ze kúnnen het wel. De ‘wachtkamer eerste klas’ bijvoorbeeld, achter glas te bewonderen en fraai gerestaureerd. Bedoeld voor de koninklijke familie, als die ooit nog eens een keer met de trein gaat, wat ik trouwens nog niet zo snel zie gebeuren. Ook het plafond in de centrale hal heeft nog mooie details. Nu moet alleen die rubberen vloer nog weg. Het metrostation, met de Noord-Zuidlijn geïntegreerd, is nu ook klaar en is helemaal ondergronds. Ze hebben er twintig jaar over gedaan, maar het is een bouwkundig huzarenstukje.

Ook achter het station is het nu helemaal af. Vroeger een tippelzone, annex drugsboulevard, waar een fatsoenlijk mens niet durfde te komen. Nu een fraaie passage met winkeltjes, het gaat daar zelfs op een luchthaven lijken. Met boven een groot busstation en het doorgaande verkeer weggewerkt in een tunnel. Zo hoort het water er nu ook helemaal bij. Ook daar is het veel drukker geworden en ‘Noord’ begint nu ook tot de stad te behoren. Al met al een mooie aanleiding om er anno 2021 maar eens een serietje aan te wijden. Zie:

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157719252617967

Amsterdam

28 april 2021

De beperkingen die door corona worden opgelegd duren nu al meer dan een jaar. Ik ben inmiddels redelijk gewend geraakt aan dat nieuwe ritme en kan daarin ook wel berusten, in het besef dat het nou eenmaal niet anders is. Ik heb dan ook niet de neiging om opstandig te worden en zie zelfs wel een aantal positieve dingen aan dat nieuwe ritme. Maar toch is de wereld, heel onbewust, een beetje kleiner geworden. Ondanks af en toe eens een uitstapje in de regio, zijn er toch hele delen van de wereld – zelfs delen van mijn eigen woonplaats Amsterdam – uit mijn systeem verdwenen. Dat is dus allemaal langzaam en ongemerkt gegaan, maar ik merkte het pas echt goed toen we vorige week op een zonnige ochtend langs de grachtengordel en door het Vondelpark naar de priklokatie fietsten. De grachtengordel en het Vondelpark…. die zijn er dus óók nog…! Hoe lang was ik daar al niet meer geweest?

En geleidelijk werd ik me ervan bewust dat dat nog voor veel meer stadsdelen geldt. En dan heb ik het nog niet eens over de bioscopen, cafés en restaurants waar ik al bijna een jaar niet meer ben geweest. Maar juist naar aanleiding van die plotselinge bewustwording vond ik het nodig om nu mijn eigen stad ook maar weer eens te herontdekken. En wat is daarvoor dan een mooier moment dan het ontluikende, hoewel nog wat koude, voorjaar. De stad is – zo te zien – volop in beweging en die koningsdag-supermaan kregen we aan het eind nog op de koop toe. Een buitenkansje, want we moeten nog 106 jaar tot de volgende wachten. Het Amsterdamse voorjaars foto-allegaartje staat op:

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157719099032141

Kop van Noord-Holland

26 april 2021

Nadat we bij een eerder bezoekje met de fietsclub aan de Bollenstreek hadden geconcludeerd dat het bloemgebeuren langzaam naar de Noordoostpolder en de Kop van Noord-Holland aan het verhuizen is, is meteen maar eens de koe bij de horens gevat en is naar de Kop afgereisd. Nu niet met de fietsclub, maar deze keer met René en ook gewoon met de auto. Dat duldde geen uitstel, want er zijn eigenlijk maar een paar weken in het jaar dat je de bloemen in volle glorie kunt bekijken. Eind april is eigenlijk al wat laat, maar door het koude voorjaar nu precies goed. Er is daar inderdaad veel meer ruimte en je hebt er bijna onafzienbare bloemenvelden. En ook een bijzonder gebied: vlak, dunbevolkt en weinig bomen, zodat je ook onafzienbaar ver kunt kijken. Daardoor lijkt het land nóg vlakker dan het toch al is. En het waait er dus ook altijd. Ik begin me bij dat soort tochtjes altijd af te vragen of ik er een beetje gelukkig zou kunnen wonen. En wat je daar allemaal zou kunnen doen.

Behalve bloementeelt is het hoofdzakelijk een landbouwgebied. Windturbines zijn er ook genoeg. Daar waar in de rest van Nederland de weerstand tegen die dingen groeit, lijkt men zich er hier al helemaal mee te hebben verzoend. En naarmate die dingen er langer staan worden ze vanzelf weer een soort erfgoed. Zou zomaar kunnen tenminste. En dan mogen ze over honderd jaar niet meer weg, als ze tegen die tijd iets intelligenters voor de energievoorziening hebben verzonnen. Aan het eind van het gebied ligt dan de kust, bij Julianadorp, net onder Den Helder. Daar ook onafzienbare stranden en een lange rij van 80 tot 100 strandhuisjes, in de aanloop naar de meivakantie al helemaal volgeboekt. We raken aan de praat met een van de huurders en nemen zelfs even een kijkje binnen. Eigenlijk kreeg ik een beetje medelijden, want echt strandweer wilde het niet worden. Maar voor 1400 euro, in het zogenaamde tussenseizoen, zit je daar toch maar liefst een hele week. Toch fijn dat we na het zien van de nieuwe Bollenstreek en een lekkere strandwandeling naar huis konden en de verwarming konden aanzetten. Daar nog maar even opgezocht dat je er in het hoogseizoen een hele week kunt zitten voor 2293 euro. Slechts…..! De foto-impressie van het dagje staat op:

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157719067325497

Bollenstreek

15 april 2021

Het stalen ros is weer eens van stal gehaald, het heeft een servicebeurt ondergaan en was helemaal klaar voor de eerste tocht met de ‘fietsclub’. Die ‘fietsclub’ bestaat nu 40 jaar. Allemaal studiegenoten uit Tilburg, in de 70’er jaren afgestudeerd, later collega’s op de werkvloer in ‘het Haagse’ en nu pensionado’s. Meestal trappen we in april af met een ‘Rondje Bol’, door de Bollenstreek dus. Maar die stond er dit jaar wat minder uitbundig dan gebruikelijk bij. We waren natuurlijk door het koude voorjaar eigenlijk ook iets te vroeg. Ook ontbraken de toeristen, maar dat scheen niet erg te zijn, want die banjeren toch maar door de tulpenvelden voor hun uitgebreide fotosessies. En tenslotte, misschien wel het belangrijkste, lagen veel bollenvelden braak en zullen dat vermoedelijk altijd blijven, tenzij ze iets anders met die grond gaan doen. Het is er eigenlijk te kleinschalig en niet meer rendabel. In de Kop van Noord-Holland is meer ruimte en het bloemgebeuren is dan ook langzaam daarheen aan het verschuiven. Misschien moeten we ons ‘Rondje Bol’ dan ook maar eens daar gaan doen.

Toch was er nog veel moois te zien, ook al door de frisse, heldere en ‘Hollandse’ wolkenluchten. Vanaf Voorschoten door de Bollenstreek heen naar de Zilk en door de duinen via Noordwijk en Katwijk terug. Met dat duinenlandschap is iets bijzonders aan de hand, dat in Nederland weinig bekend is. Je zou het bijna niet geloven, maar hier lopen zóveel herten rond, dat het een plaag is. Ze hebben het hele duinlandschap kaal gevreten. Van de struiken is weinig meer over en ze hebben er dan ook al duizenden (!!!) moeten afschieten. Hoe dan ook, de kop van het fietsen is eraf, het voelde weer lekker, vooral nadat er vorig jaar, om de bekende redenen, weinig van fietsen terecht is gekomen. Foto’s zijn er ook gemaakt, want ook al is het een fietsclub, fotograferen wordt er gewoon gedoogd. Het kleine serietje staat op:

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157719022484117

Wijdemeren

8 april 2021

Wijdemeren: zo heet de gemeente aan de oostkant van de A-2, in de driehoek tussen Amsterdam, Utrecht en het Gooi. Aan de kaart te zien, krijg je de indruk dat de gemeente meer uit water dan uit land bestaat. Ik ben er nog nooit echt goed geweest, dus heb eigenlijk ook niet echt een binding met het gebied. Tot donderdag, toen we er maar eens een kijkje zijn gaan nemen. Want in de lock-down mag er dan misschien van alles niét, er mag toch ook nog heel veel wél. En dus ook dingen die je zonder lock-down misschien nooit zou hebben gedaan. Zo kom je dus nog eens ergens. Vanuit Amsterdam ben je er met de auto in een kwartiertje. In Ankeveen bijvoorbeeld, aan de rand van de Ankeveense Plassen. Bekend van de grote schaatstochten die hier gehouden worden, als er goed ijs ligt tenminste. In het dorp eventjes van de weg af en ineens is het stil en gaat de natuur zijn gang. In april zou die natuur al een flink stuk uit moeten lopen, maar dit voorjaar is koud en het loopt dan allemaal ook een beetje achter.

De schoonheid is er niet minder om. Want je kunt over smalle dijkpaden eigenlijk helemaal het meer oplopen en dan wijst niets er nog op dat je hier midden in de Randstad bent. Als je tenminste die nieuwe spoorbrug over het hoofd ziet, die een aantal jaren geleden over de A-1 is aangelegd. Je kan een hele ronde door het meer lopen, maar dat zou met ons foto-tempo de hele middag in beslag gaan nemen. En dan zouden we de Loosdrechtse Plassen niet hebben kunnen zien. Ook daar kan je over dijkpaden op meerdere plaatsen het meer over. Die zijn een stuk breder dan in Ankeveen en je kan er dus met de auto over. Hier huist dus de happy few met een hoog BN-gehalte uit het Gooi. Aan weerskanten de villa’s en jachthavens en hier kun je dus aan elkaar echt laten zien hoe warmpjes je er bij zit. Maar ook zonder al deze uitbundigheid is er veel moois te zien. Oud-Loosdrecht bijvoorbeeld met zijn kasteel Sypesteyn. Nu een museum, helaas dicht, maar met een fraaie tuin, oude bomen en met mos overgroeide beelden. En onderweg ook nog een van de vele – sommige ook sterk verwaarloosde – forten van de ‘Stelling van Amsterdam’. Ondanks het sombere en vooral koude weer is er toch nog een foto-serie gekomen, te vinden op: 

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157718958866222

Oostenburg

7 april 2021

Er moeten in de komende tien jaar nog eens één miljoen woningen worden gebouwd. Inmiddels wordt er door onze planologen, ondanks het jarenlange taboe, langzaam aan het Groene Hart geknabbeld en komen daar her en der toch nieuwe woonwijken. Tot afgrijzen van de bestaande bewoners, maar tot grote vreugde van de mensen die na jaren wachten eindelijk een eigen onderkomen hebben. Het Groene Hart mag dan nog wel een mooi open landschap zijn, maar de vraag is of het ook nog echt ‘groen’ is, als je naar de biodiversiteit gaat kijken. Maar ook Amsterdam doet zijn best om zijn steentje bij te dragen aan dat miljoen. Nog niet eens zozeer om aan de randen weer nieuwe slaapsteden te bouwen, maar vooral binnen de Ring en zelfs in het centrum wordt veel gebouwd. Op de ‘Oostelijke Eilanden’ bijvoorbeeld, voormalige industriegebieden en in de laatste jaren al aardig volgebouwd. Oostenburg, dicht tegen het centrum aan, is een gebiedje dat nú onderhanden wordt genomen. Twee jaar geleden nog een verlaten en ontoegankelijk industrieterrein, waar je niks te zoeken had, behalve dingen die het daglicht niet konden verdragen.

Nu een mix van industrieel erfgoed, bouwterrein en half afgemaakte complexen en straks weer een glanzende nieuwbouwwijk. Heel fraai in die mix vond ik nog wel de ‘van Gendt-hallen’. Nog niet gesloopt, dus ik vraag me af of de architectuur ervan nog terug zal komen in de nieuwe woonwijk, als herinnering aan dat wat er ooit was. Want het moet natuurlijk wel efficiënt. Bouwen is hier al lang niet meer het op elkaar metselen van steentjes, maar eerder het in elkaar schroeven van hele gevels, die ergens anders machinaal worden gefabriceerd. Het ‘huisje-met-een-tuintje’, waar Nederlanders zo dol op schijnen te zijn, kan je hier ook vergeten. Een balkon met wat zon is wel het maximum wat je kunt verwachten. En je auto voor de deur zetten kan vaak al helemáál niet. Toch gaan de nieuwe huizen hier als warme broodjes weg tegen prijzen die je in het Groene Hart niet tegenkomt. Dus zo héél erg zal het wonen hier nou ook weer niet zijn. En zo zijn er binnen de Ring nog talloze ‘gebiedjes’ die nog volgebouwd kunnen worden, en ook volgebouwd gáán worden. Tenminste als je naar al die bouwkranen kijkt in de buurt. Het wordt hier ooit nog eens een echte stad. Een fotoserie van het Oostenburg van nu, en van wat er onderweg nog meer viel te zien was, staat op:

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157718910801271

Berg en Dal

1 april 2021

Al een hele tijd is het niet meer mogelijk om naar het buitenland te reizen. Het kan alleen als je een wel heel zwaarwegende reden hebt en je bovendien ook nog eens over de nodige gezondheidsverklaringen beschikt. Die omstandigheid heeft bij mij tot een zekere berusting geleid, maar vooral tot een levensritme dat overigens nog niet eens zo heel onaangenaam is. Het heeft onbewust ook geleid tot een veranderd referentiekader. Terwijl ik vroeger, mede door mijn werk, bijna ‘met twee vingers in de neus’ van het ene naar het andere buitenland hobbelde en dat ook nog eens heel gewoon vond, was deze week zelfs een familiebezoekje al aanleiding tot enige opwinding. Dat het ineens zomer was geworden versterkte dat nog eens. Het reisje ging naar Groesbeek, net achter Nijmegen in de gemeente Berg en Dal. Alleen al de naam beschrijft het gebied treffend. Inderdaad, een on-Nederlands glooiend landschap.

Helemaal on-Nederlands als je ook nog eens ziet dat het gebiedje het epicentrum blijkt te zijn van de Nederlandse wijnbouw, een indicatie dat de klimaatgrens toch wel naar het noorden aan het opschuiven is en dus de wijnbouw in de toekomst misschien helemaal niet meer zo on-Nederlands meer is. Ik heb nog nooit Nederlandse wijn gedronken, maar als ik dat allemaal zo zie, moest ik dan toch maar ooit eens een flesje soldaat maken. Hoe dan ook, het middagje voelde als een zomers tochtje door de Franse Bourgogne, en aan het eind van de dag was het net alsof ik een vakantietripje had gemaakt. Voor een vakantiegevoel is de lat blijkbaar een stuk minder hoog komen te liggen. Hoe dat binnenlandse buitenland eruit ziet staat op:

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157718866479193

Benedenwereld

26 maart 2021

De bedoeling van de middag was een fietstochtje naar de Sluisbuurt. Daar staat over twee jaar een hele nieuwe woonwijk en ook het industrieel erfgoed van de graansilo’s gaat onderdeel worden van een architectonisch hoogstandje. Alleen is – zoals het vaker gaat – die middag dat doel nooit bereikt. We zijn blijven steken op de ‘Amsterdamsche Brug’, de brug die het oostelijk stadsdeel met de Sluisbuurt en Schellingwoude verbindt. Behalve voor autoverkeer is de brug populair bij (sport-)fietsers en hardlopers, omdat je hier – als enige locatie in de stad – nog een beetje serieuze hellingen hebt. Minder bekend is de ruimte onder de brug. Halverwege de ‘top’ kan je via een trappetje naar beneden en kom je onder de brug in een heel andere wereld. Dit is het terrein van graffiti-spuiters, skate-boarders, mensen die een overdekte overnachtingsplaats zoeken en wellicht lieden die dingen doen die het daglicht wat moeilijker kunnen verdragen. Een prachtig rafelrandje dus, en hier gelden dan ook eigen regels en omgangsvormen.

We maken contact met een van de skate-boarders. Hij is door de wol geverfd, kent alle plekjes in de stad en weet precies waar je wel of juist niet moet wezen. En wie je waar en wanneer aantreft. We krijgen een uiteenzetting over de kneepjes van het vak en hoe je je deze kunst eigen kunt maken. Ook hebben we contact met een van de graffiti-spuiters. Een keurige man en eigenlijk een type, dat je hier niet meteen zou verwachten. Wat sommige mensen geklieder vinden, wordt hier tot edele kunst verheven. Zelfs bomen vormen bij gebrek aan onbeschilderde muren een dankbare ondergrond. We leiden onszelf rond door alle zalen van het graffiti-museum en blijven ons verbazen over de twee werelden boven en beneden, die elkaar niet lijken te raken en zelfs geen weet hebben van elkaars bestaan. De Sluisbuurt doen we dus maar een andere keer en komt dus op de bucket list. Foto’s van het museum staan op:

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157718793229886

West-Friesland

3 maart 2021

Het zou woensdag een prachtige voorjaarsdag worden. De mooiste van de week nog wel. Daarom juist dié dag uitgekozen om even te proeven hoe het ook al weer zou zijn op het strand en even te proberen om wat zomerse herinneringen uit het verre onderbewustzijn naar boven te halen. Voordat er weer een serie ‘maart-roert-zijn-staart-dagen’ zouden volgen. Het liep allemaal anders. Goed en wel buiten Amsterdam trok een grijze deken over, de temperatuur ging ineens tien graden omlaag en de verwarming in de auto kon weer aan. Maar het plan veranderde niet en dus toch maar naar de kust, want je weet nooit of je – zoals vaak gebeurt – toch weer onverwachte dingen tegen komt. Bij de vroegere Hondsbossche Zeewering is, zonder al te veel ruchtbaarheid, in de afgelopen jaren een brede duinenstrook en strand aangelegd. Daarom heten ze daar nu de ‘Hondsbossche Duinen’ en de vroegere zeewering bestaat dus niet meer.

Van de gelegenheid is daar meteen maar gebruik gemaakt om er een vogelreservaat aan te leggen. Aan de landkant door de aanleg van een meertje met een uitkijkpost naar de vogels die daar verblijven. Op het strand en in de duinen door aandacht voor het afval dat op stranden wordt achtergelaten en eventueel door de vogels voor voedsel wordt aangezien. Op dat strand lagen ook die zomerse herinneringen, maar die wilden bij een ijzige wind niet echt naar boven komen. Na een klein half uurtje hadden we het daar dus wel gezien. Daarom op de terugweg vanuit de warme auto maar eens bekeken hoe West-Friesland eruit ziet. Een uitgestrekt akkerland, niet bepaald het mooiste stukje Nederland, maar in de mistige late middag toch met een eigen sfeer. En ondanks het grauwe landschap was er toch weer een fotografische verrassing van grote aantallen meeuwen die de lekkerste hapjes uit de omgeploegde grond oppikten. Kijk maar op:

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157718542223386

Waal

28 februari 2021

Prachtig (bijna) voorjaarsweer en dus een mooie zondag om er weer eens op uit te trekken. Want je moet toch wat na een al meer dan vier maanden durende lock-down. Met de auto, dat nog wel, want het is nog behoorlijk fris. We kozen voor de Waal, bij Zaltbommel van de autoweg af en bij Nijmegen er weer op. Oud-Hollands rivierenlandschap gaan we daar tegen komen. Het is mijn geboortestreek en tot mijn achtste jaar heb ik er gewoond. Weliswaar kort, maar lang genoeg om daar nog vage jeugdherinneringen te hebben liggen. In Winssen om precies te zijn, een klein dorpje tegen de Waaldijk aangeplakt. Marcel was er nog nooit geweest en ik vond dat het onderhand wel eens tijd werd om hem mijn geboortehuis te laten zien. We maken een stop bij Rossum. Een geografische bijzonderheid, omdat de Maas en de Waal elkaar daar op nog geen kilometer afstand bijna raken. Overal waar je kijkt is water. Bovendien alleraardigst gelegen met een gezellige B&B, zodat we er ook nog wat inspiratie opdeden voor een pleisterplaats op een mogelijke toekomstige fietstocht.

Mijn geboortehuis in Winssen was snel gevonden. De huidige bewoner parkeerde er net zijn auto en dus een mooie kans om hem even aan te spreken. Klein gesprekje en het leidde tot een rondleiding in het huis, waar ik al 64 jaar niet meer was geweest. Wat me opviel was dat de woonkamer een stuk kleiner was dan in mijn herinnering. Maar de herinnering was vaag, temeer daar er ook al enkele verbouwingen waren geweest. Heel langzaam kwamen de vroegere beelden van dat huis uit mijn onderbewustzijn naar boven, maar toen zaten we al weer lang en breed op de autoweg bij Nijmegen. Daar was, met het decor van de Betuwelijn, windturbines en weilanden vol zonnepanelen, niets meer wat nog aan de 50’er jaren deed denken. De foto’s van de dag staan op: 

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157718695593457