Queensland

13 maart 2020

Het zit erop, de tocht met de auto door de ‘outback’ van Darwin naar Cairns, een kleine 3000 kilometer. Over de hele tocht hebben we vijf dagen gedaan. Dat lijkt snel (en dat ís het eigenlijk ook), maar je kunt gemiddeld genomen behoorlijk doorrijden, omdat er op sommige stukken vrijwel niemand anders op de weg zit. Je kunt dan zó tientallen kilometers rijden zonder ook maar één tegenligger tegen te komen. Verder hadden we cruise control en was de auto ook nog half zelfrijdend. Hij hield automatisch afstand tot je voorligger en als je van je baan afweek, kwam er vanzelf een zachte stuurcorrectie. Dat alles maakte het rijden erg aangenaam. Verder was het ons (of beter gezegd Marcel) na wat gepruts gelukt om de op onze telefoon geïnstalleerde muziek afgespeeld te krijgen op de ingewikkelde muziekinstallatie van de auto. Sowieso al onze favoriete muziek, maar sommige muziek is nog extra leuk als die al rijdend wordt beluisterd. Kortom, die 3000 kilometer waren een eitje. Zou je zeggen, maar toch waren er ook wel wat ongemakken, zoals de vele vliegen, de hitte en de eentonigheid af en toe. En soms ook wel enige nervositeit bij de gedachte, wie ons hier in hemelsnaam in die hitte en brandende zon bij autopech gaat helpen als je ook nog eens geen bereik op je telefoon hebt. Verder is er – ondanks de zon en de woestijn – nog steeds een kans dat wegen onder water lopen, dus in dat geval heb je zo gauw geen plan-B.

Maar het tweede stuk van de tocht door de ‘outback’ ging door Noord-Queensland. En dat was meteen een heel ander landschap dan de Northern Territories. Hiér waren er tenminste elke 150 kilometer dorpjes. Niet zomaar wat caravans langs de weg, maar echte dorpen, met benzine, koffie en andere aangename voorzieningen. Het deed ons daar denken aan de eindeloze tocht vier jaar geleden door West-Texas en New Mexico. Een bijzonder verschijnsel hier op de weg zijn de zg. ‘road trains’. Enorme vrachtwagencombinaties met drie en soms vier aanhangers van maximaal 53 meter. Die ook nog eens stevig doorrijden en dus groot ontzag inboezemen. Na vier dagen waren we in Townsville, aan de oostkust. Ineens een echte stad en de laatste 400 kilometer naar Cairns liepen weer door bewoonde wereld, op een drukke bochtige weg en waren eigenlijk wel het meest vermoeiende deel van de reis. Alom verbaasde blikken dat we uit Darwin waren komen rijden: “Most Aussies have never been there….”. Hier gaan we aan de kust nog een paar dagen bijkomen. Tegelijkertijd worden we overvallen door het corona-nieuws uit Europa. Vorige week, 8 maart, vóór onze tocht, ging het nog om relatief kleine aantallen. Tijdens onze tocht, mede door gebrekkig internet, was het even weg. Maar nu, 13 maart, nog geen week later, heel zorgwekkend, is het erg groot geworden. De laatste etappes van de tocht staan op:

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157713486903571

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.