Darwin

8 maart 2020

Darwin: vier-en-een-half uur vliegen vanaf Sydney. Dat betekent niet alleen naar de andere kant van dit enorme land, maar ook meteen naar een heel andere wereld. De tropische hitte valt hier bij aankomst over ons heen en de zon staat er in het zenith. Darwin is echt een uithoek in Australië. Eigenlijk wil niemand er wonen. De stad is goeddeels verwoest bij de aardbeving van 1974. Weliswaar herbouwd, maar wel met de treurige architectuur die zo kenmerkend was voor de 70’er en 80’er jaren. Toch gaan we hier een aantal dagen verblijven. Niet zozeer voor de stad, maar voor een tweetal nationale parken in de wel heel wijde omgeving: het Kakadu en Litchfield National Park.

We boeken een driedaagse tour. Meteen zo’n 1000 kilometer in totaal, maar lekker in een kleine bus met een veertiental andere toeristen. Deskundige leiding was wel nodig, want veel delen van het park waren gesloten door de overvloedige hoeveelheid water. Bovendien was het af en toe door rivieren rijden en dan weet je maar nooit of er krokodillen rondzwemmen. Want die zijn hier overal. Tot 1975 mochten ze nog worden afgeschoten en waren er in de ‘Northern Territories’ (zoals deze deelstaat heet) nog maar 3000 over. Nu staat er een lange gevangenisstraf op als je een krokodil doodt, en dus zijn er nu weer 130.000. Behalve krokodillen is er vooral kleinere fauna: vogels, spinnen, mieren en bloedzuigers. We leren hoe ermee om te gaan en we leren zelfs om mieren te eten, hoewel ik dat laatste toch maar niet heb gedaan.

We gaan dus helemaal terug naar de natuur en ook de voorzieningen tijdens de twee overnachtingen in een tent waren wel heel erg basic. We zitten aan het eind van de regentijd. Alles is nat, klam en vochtig. De regentijd heeft natuurlijk het nadeel van de veel grotere kans op regen, maar er zijn zowel overdag als ’s avonds wel heel prachtige luchten. Verder zijn er nauwelijks toeristen, zodat je alle bezienswaardigheden niet met zoveel mensen hoeft te delen. Bovendien hadden we toch wel een béétje geluk met het weer. Geen regen overdag, maar wel plensbuien ’s nachts, die lekker op je tent kletteren. Na vier dagen in en rond Darwin was het wel mooi geweest. Maar ondanks de nadelen (treurige architectuur, de uithoek van het land en de regen) hadden we toch wel een klik met de stad, al was het maar voor de bijzondere sfeer die er daarom was. De laatste (zondag)middag is besteed om onze autoreis naar Cairns door de outback voor te bereiden. Overnachtingen geboekt en dingen voor onderweg in de auto gekocht. We gaan er vijf dagen over doen. Wordt dus vervolgd. De Darwin-fotoserie staat op:

https://www.flickr.com/photos/140378231@N02/albums/72157713405958956

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.