Mijn studententijd in Tilburg ligt nu al ruim vijftig jaar achter me. Ondanks die lange periode verheugt het me dat ik toch nog verschillende contacten heb onderhouden met mijn toenmalige studiegenoten. Het overgrote deel van het studentenvolk bestond uit Brabanders en Limburgers, maar ik heb me er als Twentenaar altijd thuis gevoeld. Veel van die toenmalige studenten, waaronder ikzelf, zijn uitgewaaierd naar de Randstad, maar een groot deel is ook ‘onder de rivieren’ blijven hangen. Twee van hen wonen op nog geen 200 meter van elkaar in Valkenswaard, en dat was dan ook aanleiding voor een bezoekje aan deze plaats. Valkenswaard blijkt 20 duizend inwoners te hebben, dus ik weet niet goed of je het een ‘dorp’ of een ‘stadje’ moet noemen. Het weer was goed genoeg voor een wandeling en bezichtiging en de gastheren ontpopten zich met verve als toeristengidsen, waarvoor dank. Ondanks de beperkte omvang is Valkenswaard om drie redenen bekend. De naam is ontleend aan de ‘valkerij’, het vangen en africhten van valken ten behoeve van de jacht.
Verder heeft het dorp altijd een uitgebreide sigarenindustrie gekend en er is recent zelfs een heel nieuwe wijk gebouwd met een architectuur in de vorm van een ‘Hofnar’ sigarenbandje. Zelfs een nieuw appartementencomplex krijgt de naam van een ander toonaangevend sigarenmerk. De sigarenbandjes werden geproduceerd met steendrukken, verder ontwikkeld naar lithografie, eigenlijk de grondslag van hetgeen nu door ASML, nog geen tien kilometer verderop is doorontwikkeld. En als overige bezienswaardigheden natuurlijk enkele kerken. Natuurlijk in dit katholieke landsdeel een knots van een katholieke kerk, maar voor de kleine protestante minderheid is er ook nog een klein kerkje ter grootte van hooguit een uit de kluiten gewassen villa. Tijdens de korte wandeling is het volgende fotoserietje tot stand gekomen: